Home   -    Nederlands Français Engels

 

Waarom is voeding in de buurlanden goedkoper?


In Het Laatste Nieuws legt marketingprofessor Gino Van Ossel uit waarom voeding in België net wat duurder is. "België is een afzetmarkt van slechts 11 miljoen mensen. Het personeel in onze supermarkten is duurder. Bovendien heft de overheid meer taksen, is het verboden om met verlies te verkopen en zijn Belgen minder gevoelig aan de prijs." De winstmarges van de supermarkten zijn naar verluidt niet te groot.

Per product moeten Belgische warenhuisketens meer geld vragen om de omzet van Nederlandse ketens (16 miljoen potentiële klanten) of Duitse ketens (80 miljoen potentiële kopers) te evenaren. Aan de hogere grondstofprijzen hecht professor Van Ossel niet (te) veel belang. "Voedingsbedrijven gebruiken de duurdere grondstoffen vaak als excuus om hun prijsstijgingen te rechtvaardigen, terwijl ze eigenlijk alleen maar meer winst willen maken. Want als de grondstoffen dalen, is er geen enkele fabrikant die zijn prijzen weer verlaagt."
 
Personeel in de supermarkten is in ons land duurder, wat de ketens doorrekenen aan de consument. Van Ossel merkt op dat bijvoorbeeld in Nederlandse winkels meer met goedkopere jobstudenten wordt gewerkt, tot de helft van het personeel. "Nog een probleem is de loonindexering. "Als de voedingsprijzen stijgen, stijgen ook de lonen, waardoor vervolgens de prijzen opnieuw stijgen. En zo gaat dat maar voort."
 
Taksen en accijnzen maken onder meer onze dranken 20 tot 30 procent duurder dan in Frankrijk of Duitsland. Het verbod op verkopen met verlies, maakt de promoties in ons land minder scherp dan bij onze noorderburen. "Daar heb je vaak promoties van 'één kopen, één gratis'. Dat zal je bij ons nooit zien. Wij moeten het stellen met - in het beste geval - 'twee kopen, één gratis'."
 
Van Ossel noemt de Belg een consument die graag vlakbij winkelt en veel keuze verlangt. Dit laatste vertaalt zich uiteraard in meer kosten voor de supermarkten en dus duurdere producten. Belgen zouden minder prijsgevoelig zijn, terwijl Nederlanders in gemiddeld vier winkels shoppen en voortdurend prijzen vergelijken.
 
De winstmarges van warenhuisketens zijn volgens de professor eerder bescheiden. "Gemiddeld verdienen ze 25 procent op elk verkocht product, maar daarvan moeten ze al hun kosten nog betalen." Vreemd genoeg is het net de goedkoopste speler, Colruyt, die de grootste winst maakt. Bij Carrefour is de marge het kleinst.
 
Het Prijzenobservatorium vermoedt dat de oorzaak bij de fabrikanten ligt. Zij zouden te veel aanrekenen voor hun voedingswaren. "De Belgische warenhuisketens hebben een slechte onderhandelingspositie én negotiëren sowieso minder hard dan de Nederlandse spelers", weet Van Ossel.
 
Tot slot worden enkele oplossingen op een rij gezet, waarvan niet één politiek voor de hand ligt: het verbod op verkopen met verlies afschaffen; de lonen afkoppelen van de index; taksen, accijnzen en BTW verlagen en de wet op studentenarbeid aanpassen zodat jongeren meer mogen werken en zo de loonkosten van de supermarkten drukken.


bron Het Laatste Nieuws : 10/03/2013
 

nieuwsbericht van 12/03/2013

Terug naar het overzicht

FGBB vzw – Wetenschapsstraat 14 – 1040 Brussel - T.: +32(0)2 550 17 64 – E-mail k.wagemans@fgbb.be

 
designed by Studioemma